De Belgische houtverwerkingssector

De houtsector omvat 4 verschillende groepen : productie, eerste en tweede verwerking en verbruik.

Bosbouwproductie

  • openbare bosbouwproducenten (DNF, Agentschap voor Natuur en Bos, gemeenten, provincies, ocmw’s, kerkfabrieken enz.)
  • privébosbouwproducenten

1e houtverwerking

Bosuitbating

Bosuitbating is nodig bij het beheer van het bos. Dit kadert in de exploitatie van het bos en gebeurt volgens welbepaalde, milieuvriendelijke normen die worden vastgelegd op basis van de staat van het bestand en de doelstellingen van het beheer.

De rol van de bosbouwer bestaat in het schatten van de loten hout op stam die te koop worden aangeboden door openbare en privé-eigenaars, het aankopen ervan, het kappen, bewerken, uitslepen (met paard of tractor) van bomen, het verdelen van het stamhout en rondhout op basis van de kwalitatieve behoeften van de verwerkers en zorgen voor het vervoer en de commercialisering.

 

Zagen, snijden, schillen, drogen en drenken.

In deze sector moet een onderscheid worden gemaakt tussen:

  • loofhoutzagerijen (eiken, beuken, esdoorn, essen, populieren, …)
  • naaldhoutzagerijen (hoofdzakelijk vuren, douglas, grenen, lorken)
  • zagers van tropisch hout
  • snijfineerbedrijven
  • schilfineerbedrijven
  • ondernemingen die zich toeleggen op het drogen, bewaren en drenken van hout

Hun gemeenschappelijke doelstelling is het beste uit de grondstof (stammen) te halen en het zoveel mogelijk toegevoegde waarde te geven, door de gebruikers – aannemers, meubelfabrikanten, palettenbouwers, handelaars … enz. – halfafgewerkte producten aan te bieden die beantwoorden aan hun kwalitatieve en kwantitatieve criteria.

Voor kwaliteitsproducten wordt het hout geklasseerd, gedroogd, geschaafd en verpakt volgens de regels van de kunst.

De sector telt 141 ondernemingen – vooral kmo’s – en stelt zo’n 1319 arbeiders en 324 bedienden tewerk.

De voorbije jaren werden aanzienlijke investeringen gedaan, bijvoorbeeld in de bouw van droogovens, maar ook voor de fabricage van afgewerkte of halfafgewerkte elementen zoals gelijmd gelamelleerd hout, gevingerlast massief hout, enz., om het aangeboden productassortiment, de kwaliteit van de dienstverlening en de productiviteit te verhogen.

De verwerking van rondhout betreft jaarlijks

  • 170 000 m³ eiken
  • 65 000 m³ beuken
  • 320 000 m³ populieren
  • 35 000 m³ diverse edele loofhoutsoorten
  • bijna 500.000 m³ naaldhout

Opmerkelijk is dat die laatste groep goed is voor 360.000 m³ zaaghout, terwijl de productie van gezaagd naaldhout begin de jaren ’80 maximaal 300.000 m³ bedroeg, voor drie keer zoveel zagerijen!

Nog een merkwaardig element : de sector van de 1e houtverwerking produceert geen afval: de ondernemingen waarderen het schaalhout immers op als plaketten voor de fabricage van papierpulp of voor de fabrieken van vezelplaten; de schors wordt gebruikt als compost of dient als brandstof voor de interne droogovens.

De jaaromzet van de gehele eerste houtverwerking bedraagt bijna een miljard euro.

2e houtverwerking

Deze heel belangrijke sector omvat vooral middelgrote tot grote ondernemingen. Hun aantal bedraagt 1211. Ze verschaffen werkgelegenheid aan 18.625 werknemers en boeken een jaaromzet van 4,513 miljard euro.

Een volledige lijst van eindproducten van deze sector zou ons te ver leiden :

  • meubels, stoelen, …
  • bouwelementen (gebintes, timmerwerk, parket, …)
  • vezelplaten, fineerplaten, MDF…
  • diverse houten voorwerpen : lijstwerk, borstels, penselen,…

Verbruik

Hieronder vallen de groot- en kleinhandel, en ook de invoer van rondhout en gezaagd hout, dat een aanzienlijk deel van het totale houtverbruik in ons land vertegenwoordigt.