Constructiehout


© Belgian Woodforum

© Belgian Woodforum

 

Welk materiaal kiezen voor bijvoorbeeld dakconstructies? De meeste ontwerpers en aannemers kiezen sinds jaar en dag voor hout. Terecht, want constructiehout is de laatste decennia zo geëvolueerd en gediversifieerd dat het een toekomstgerichte keuze blijft.

Naaldhout voor constructiehout
In België gebruikt men voor houten structuren hoofdzakelijk naaldhout.

Dit zijn de meest gebruikte soorten:

  • Europees Douglas uit Frankrijk, Duitsland en België of Oregon Pine uit Noord-Amerika (Pseudotsuga menziesii);
  • Vuren uit België en buurlanden en Noords vuren uit Noord-Europa (Picea abies);
  • Grenen uit België en/of buurlanden en Noords grenen uit Noord-Europa (Pinus sylvestris);
  • Lorken wordt in mindere mate toegepast.

 

Naalhoutsoorten hebben het voordeel dat ze een uitstekende verhouding kwalliteit/prijs bieden. Ze hebben een laag gewicht t.o.v. hun mechanische weerstand en zijn ook overvloedig beschikbaar in onze bossen. Gewoonlijk zijn ze afkomstig uit Europese bossen. Tot op heden brengt uitbating hun voortbestaan absoluut niet in gevaar.

Al het in België verwerkte naaldhout wordt verbruikt. Ons verbruik ligt echter hoger en dus moet er hout worden ingevoerd, gewoonlijk uit Scandinavië of Rusland.

De ingevoerde hoeveelheden liggen veel hoger dan de plaatselijk geproduceerde. Dit verklaart, ondermeer, waarom men nog al te vaak spreekt van ‘Rode Noordse den’ of ‘RND’, of nog ‘Witte Noordse den’ of ‘WND’ in plaats van vurenhout. Deze verkeerde benamingen zijn niet toegestaan in openbare lastenboeken, omdat ze verwijzen naar een herkomst. Oorspronkelijk maakten deze namen het mogelijk om gedroogd hout voor te schrijven, omdat in Scandinavië al het hout gedroogd werd, in tegenstelling tot België.  Teneinde verwarring te voorkomen, is het aan te raden om te refereren naar NBN 199 “ Namenlijst der voornaamste in België gebruikte houtsoorten” en in plaats van de handelsnamen, de Latijnse benaming te gebruiken, meer bepaald:

 

  • Grenen = Pinus sylvestris (code 107)
  • Vuren = Picea abies (code 104)
  • Douglas = Pseudotsuga menziesii (code 108)
  • Lorken = Larix spp (code 102 voor Larix decidua en 103 voor Larix kaempferi).

 

Scandinavisch hout heeft smallere groeiringen en dus een betere mechanische weerstand, omdat de groeiomstandigheden er strenger zijn. Er werd echter meermaals aangetoond, dat de kwaliteit van Belgisch hout niet moet onderdoen voor die van Scandinavisch hout als het gaat om de kwaliteit die vereist en voldoende is voor een klassieke toepassing als structuurhout. Dankzij de verplichting om vanaf 2012 structuurhout met rechthoekige doorsnede te markeren (CE-markering van structuurhout met rechthoekige doorsnede) is het mogelijk om op een strikte manier aan al het hout een klasse van mechanische weerstand toe te kennen en de producten die op de markt gebracht worden en die voor structuren bestemd zijn, te homogeniseren. Behalve deze houtsoorten die gebruikt worden voor structuren, kunnen zeer talrijke naald- en loofhoutsoorten in houtbouw worden toegepast voor vloeren, trappen, gevelbekledingen, lambriseringen en uiteraard voor meubels.

Welke houtsoort kiezen hangt af van verschillende parameters:

  • Sterkte
    Sinds 01/01/2012 geldt NBN EN 14081 als referentie voor de CE-markering van constructiehout.
    Loofhout moet een elasticiteitsmodulus van minstens 9000 N/mm² hebben en voldoende vormstabiel zijn.
  • Duurzaamheid
    Hout voor dakconstructies komt niet in contact met de grond, wordt niet blootgesteld aan weersinvloeden en uitloging, en wordt maar accidenteel en tijdelijk bevochtigd (risicoklasse 2 volgens NBN EN 335). Insecten en vocht zijn de grootste bedreigingen. Daarom moet naaldhout verduurzaamd worden volgens procédé A2.1. Voor loofhout is geen verduurzaming nodig op voorwaarde dat het spintvrij is en een natuurlijke duurzaamheid heeft van klasse III of beter. Indien timmerhout wordt gebruikt en het onzichtbaar blijft, dan is de gebruiksklasse 1 en moet het hout behandeld worden volgens procédé A1.

Planken, battens en balken voor timmerwerk?
Ontdek de technische eisen en specificaties

Houten dakconstructies: klassiek versus modern
Meer over traditionele en hoogtechnologische dakopbouw

Dakventilatie en dakisolatie
Meer over de ventilatie van hellende daken (doc)
Meer over de thermische isolatie van platte daken (doc)
Thermische isolatie van hellende daken bij renovatie (doc)

Timmerwerk met planken, battens en balken

Typebestekken STS 31 Timmerwerk (uitgave 2008) (download STS 31) en STS 04.1 Structuurhout (uitgave 2008) (download STS 04.1) preciseren de technische specificaties.

Houtverduurzaming en anticorrosieve behandeling
Vóór verwerking op de bouwplaats moet timmerhout worden verduurzaamd tegen insecten en schimmels (procedé A2.1). Dat moet gebeuren in een station met technische goedkeuring. Dat moet de behandeling ook attesteren door middel van een certificaat bij de factuur of het borderel. Komt het hout bijvoorbeeld in contact met een metalen dak? Volg dan de bouwkundige preventieregels.
Meer over houtverduurzaming
Meer over de corrosie van metalen door hout (doc)


©  Belgian Woodforum

©  Ghio-Construct

 

CE-markering

Meer over CE-markering

 

Nomenclatuur van timmerhout

De norm STS 04 Hout legt ook een nomenclatuur vast voor Europees en niet-Europees naaldhout. Daarbij geeft ze de houtsoorten volgens EN 13556 (2003) een vierlettercode.
Raadpleeg de vierlettercodes van timmerhout (doc)

Afmetingen van timmerhout
Meer over de gangbare afmetingen van naaldhout (doc)

Traditionele dakopbouw


©  Belgian Woodforum

©  Belgian Woodforum

©  Belgian Woodforum

Traditionele dakopbouw

Een klassiek houten dakgebint is, zoals de naam het aanduidt, het systeem dat vroeger door timmerlui gebruikt werd voor een dakconstructie.

Tegenwoordig wordt het nog toegepast in renovaties, maar ook in nieuwbouw waar de bouwheer de spanten zichtbaar wil laten.

Anderzijds is het soms verplicht te kiezen voor een traditionele dakopbouw om technische redenen, om de bewoonbare oppervlkate te optimaliseren.

Het is dan ook niet te verwonderen dat een architect voor dit systeem kiest, maar hij moet dan ook zijn klant tijdig verwottigen, wegens de eventuele meerkost die deze keuze kan meebrengen.

Voordelen

  • De charme van de zichtbare spant
  • Vrijheid om de binnenwanden aan te passen
  • Volledige oppervlakte van bewoonbare zolderruimte
  • Systeem dat steeds kan worden toegepast, op voorwaarde dat men beschikt over steunpunten die de puntbelanstingen kunnen opnemen

Nadelen

  • Indien de dakconstructie op de werf wordt samengesteld, kan de opbouw lang duren (laar tegenwoordig worden ook meer en meer traditionele dakconstrcties in de werkplaats geprefabriceerd)
  • Gebruik van grote doorsneden.

Een traditionele houten dakconstructie is opgebouwd uit:

  • spanten
  • gordingen
  • kepers
  • tengellatten

 

 

Spanten
Een spant is een geheel van houten stukken die samen een dakgebintelement samenstellen dat het gewicht van de dakbekleding draagt. Het is gewoonlijk diehoekig van vorm. De spanten worden onderling verbonden door gordingen.

Zowel voor bewoonbare als niet-bewoonbare dakruimten zijn de courant in de handel beschikbare (naald)houtsoorten geschikt voor spanten. Hou rekening met hoe ze de spatkracht en wind opvangen, het gewicht overbrengen op de ruwbouwconstructie en verbonden zijn met de andere dakelementen. Daarbij is een berekening op maat van uw situatie zeker niet overbodig.

Tegenwoordig zijn vooral ‘lichte’ dakgebinten of geïndustrialiseerde dakgebinten erg in trek. Ze bestaan uit spanten waarvan de houten elementen geschaafd zijn tot een kleine sectie en onderling verbonden zijn met metalen platen.

Gordingen
Bij een hellend dak bepalen de ligging, hellingsgraad en gebruikte materialen welke houtsoort zich het best leent voor de gordingen. Welke afstand maximaal aanhouden tussen de gordingen? Gebruik de software voor het berekenen van de afmetingen van schuine daken, uitgewerkt op basis van Eurocode 5 en ENV 1995-1-1 en hou rekening met randvoorwaarden zoals:

  • naaldhout met kwaliteit S8 volgens STS 04 of C24;
  • maximaal 18% houtvochtgehalte bij plaatsing;
  • 40° dakhelling;
  • 0,5 kN/m² sneeuwbelasting en 0,8 kN/m² windbelasting;
  • 0,65 kN/m² eigengewicht (met normale pannen, isolatie en plafondplaten);
  • gordingen alleen stijf in het vlak loodrecht op het dakvlak;
  • gepaste afvoer van de krachten van het dakvlak naar een voldoende verankerde muurplaat;
  • gordingen die steunen op twee punten (geen overkraging, ze werken in enkele buiging).

Kepers, tengellatten en panlatten
Kepers, onderdak, tengellatten en panlatten geven de dakbedekking verdere ondersteuning. Welke afmetingen voor de kepers met het oog op de maximale gordingafstand? De rekensoftware zal u helpen bij het predimensioneren.

Tengellatten 
Evenwijdig met de kepers komen er tengellaten op het onderdak. Aangezien de kepers ze normaal ondersteunen over heel hun lengte, is geen groot draagvermogen nodig is. Alleen de noodzakelijke hoogte voor een goede ventilatie en voor water- en stofafvoer over het onderdak speelt een rol. Die moet tussen 15 en 26 mm liggen. Om bij het nagelen te voorkomen dat het hout splijt, zijn de tengellaten het best minstens 30 mm breed.

Panlatten 
Het gewicht van de pannen en de hart-op-hartafstand van de ondersteunende kepers bepalen de afmetingen voor de panlatten.


©  Belgian Woodforum

©  Belgian Woodforum

Toepassingen van hoogtechnologie

De traditionele dakopbouw is zeker nog in gebruik. Toch heeft ze haar beperkingen. Zo bepalen de verbindingen (nagels, bouten …) vaak mee welke houtsectie nodig is. En zijn de maximale afmetingen die beschikbaar zijn in de houthandel en in de zagerijen meestal beperkt tot zeven meter. Een klassiek dak opbouwen is ook arbeidsintensief en afhankelijk van de weersomstandigheden. De houtsector counterde die nadelen met een reeks ontwikkelingen op het gebied van constructiehout:

Gelijmd gelamelleerd hout 
De techniek om houten lamellen samen te brengen en te verlijmen bestaat al heel lang. De techniek maakt overspanningen tot 150 meter en complexe geometrische dakstructuren mogelijk. Gelijmd gelamelleerd hout heeft talloze voordelen:

  • uniforme kwaliteit: fouten en gebreken worden weggewerkt door houten elementen opnieuw samen te stellen;
  • hoge brandweerstand van massief opgebouwde elementen;
  • gunstige verhouding tussen sterkte en eigengewicht;
  • eenvoudig transport;
  • grote weerstand tegen agressieve (chemische) stoffen.

Ook geschikt voor buiten
Gelijmd gelamelleerd hout kan ook buiten worden toegepast. Dan moet het vooraf wel architecturaal worden beschermd, bijvoorbeeld met een oversteek aan weerszijden van de balken. De gebruikte houtsoort moet ook voldoende duurzaam zijn (duurzaamheidsklasse I tot III). Is dat niet het geval? Dan biedt een verduurzaming volgens procedé A3 soelaas. Buitentoepassingen met gelijmd gelamelleerd hout vereisen een goede afwerking en regelmatig onderhoud.
Meer over gelijmd gelamelleerd hout (doc)

Samengesteld hout 
Producttechnisch leunt de techniek van samengesteld hout dicht aan bij LVL (Laminated Veneer Lumber) en OSB (Oriented Strand Board).
Meer over samengesteld hout (doc)

Geïndustrialiseerde spanten 
Geïndustrialiseerde dakgebintes bestaan uit een geheel van spanten.  Het gebint dat samengesteld is uit geïndustrialiseerde spanten is gebaseerd op het repetitief plaatsen op de muurplaat van het te verwezenlijken gebouw. De spanten vervangen de traditionele gordingen en kepers. De verbinding tussen de spanten onderling wordt verzekerd door windverbanden. De spanten bestaan uit verduurzaamde houtelementen die met nagelplaten zijn verbonden. Die nagelplaten zijn metalen platen waarin spitse punten worden geboord. Zo hechten ze zich bij mechanische bevestiging stevig vast aan het hout. De platen worden symmetrisch aan weerszijden van de verbinding geplaatst. Daarbij garandeert het ATG-attest niet alleen de kwaliteit en de naleving van de productie- en plaatsingsnormen, maar ook de treksterkte en afschuiving van de platen. Geïndustrialiseerde spanten hebben talloze voordelen:

  • prefabricage onder gecontroleerde omstandigheden (verbindingen, verduurzaming, toegelaten toleranties, opslag, transport);
  • snelle montage;
  • geschikt voor uiteenlopende dakvormen, al dan niet met bruikbaar volume;
  • geschikt voor heel complexe dakvormen;
  • repetitieve plaatsing mogelijk van relatief kleine houtsecties met een hart-op-hartafstand van 40 tot 60 cm.

Voordelen

  • prefabricage
  • nauwkeurige en volledige plaatsingsvoorschriften
  • geen afval op de werf
  • plaatsing van interne wanden kan aangepast worden
  • exacte kostprijs bekend sinds het bestek
  • zeer korte plaatsingstijd op de werf
  • besparing van grondstoffen omdat de elementen een geringe sectie hebben en het snijwerk geïnformatiseerd en geoptimaliseerd is dankzij de berekeningen in de werkplaats.

Nadelen

  • onzichtbaar
  • zwaar materiaal nodig (kraan) voor de montage op de werf
  • plaatsverlies door de talrijke tiangulatie-elementen
  • niet altijd in België uitvoerbaar omwille van de stedenbouwkundige reglementeringen die de maximake hoogte vastleggen halverwege de kroonlijst van de eerste verdieping

Geprefabriceerde dakplaten
Bij geprefabriceerde platen worden kepers, isolatie tussen de kepers en bebording onder- en bovenaan samengevoegd tot één geheel. Die samenvoeging kan op uiteenlopende manieren: via koud opspuiten met isolatieschuim en afwerking onderaan met een profiel, of via profilering van de randkepers, al dan niet in combinatie met een roeflat.

Er is een ruim aanbod aan geprefabriceerde dakplaten. Zowel voor de boven- als onderplaat kunt u kiezen uit diverse materialen en afwerkingen. Zo zijn speciale geluid- of brandwerende uitvoeringen mogelijk.

Geprefabriceerde dakplaten garanderen tijdswinst omdat structuur, isolatie en afwerking in één handeling worden uitgevoerd. Dat herleidt ook het risico op fouten tot een minimum.

 

Gerelateerde houtsoorten